Home » 7 MAATSCHAPPIJ EN MENTALITEIT » PRAGMATISME OF DOGMATISME

PRAGMATISME OF DOGMATISME

PRAGMATISME OF DOGMATISME

Een paar jaar geleden stond in het hart van Brussel een middeleeuwse kathedraal op instorten.

 

Dit meesterwerk van Brabantse gotiek scheen overgeleverd aan steeds verder schrijdende aftakeling.

 

Omdat niemand zich over dit bouwwerk ontfermde en de klachten van de kerkelijke overheid niet werden gehoord, bleek het noodzakelijk de publieke opinie te sensibiliseren.

 

Na een jarenlange campagne in de pers kreeg de Minister van Openbare Werken eind 1982 de opdracht om de meest dringende herstellingswerken te laten uitvoeren.

 

Zij die jarenlang de noodklok hadden geluid, stonden op dat ogenblik voor een totaal nieuwe situatie en een niet zo gemakkelijke keuze.

 

Moesten zij meewerken met de “Regie der Gebouwen”, zelfs al was er op dat ogenblik nog geen sprake van een globale restauratie ?

 

Of dienden zij daarentegen afzijdig te blijven en verder actie te voeren in afwachting dat zij ooit eens, na jarenlange studies, zouden beschikken, niet alleen over een tot in alle details uitgewerkt restauratiedossier maar ook over alle garanties voor de perfecte uitvoering van de geplande werken ?

 

Telkens weer staan mensen voor een soortgelijk dilemma.

 

Ook bewegingen en zeker politieke partijen worden, eerder vroeg dan laat, geconfronteerd met de keuze : ofwel halsstarrig vasthouden aan de "zuivere leer" die integraal moet worden doorgedrukt ofwel geleidelijk en op een pragmatische manier het eigen gedachtegoed realiseren.

 

Al wekt laatstgenoemde methode misschien minder begeestering, toch blijkt zij het enige middel om uiteindelijk tot ingrijpende hervormingen en concrete realisaties te komen.

 

Daarenboven is het de enige manier om binnen de democratie te blijven.

 

De ervaring leert dat partijen of bewegingen slechts zeer zelden bij machte zijn hun gedachtegoed integraal (en dan nog !) ingang te doen vinden.

 

Dit is enkel mogelijk in zeer uitzonderlijke omstandigheden en gaat vrijwel steeds gepaard met het gebruik van geweld.

 

Vermits er in een samenleving, en zelfs binnen éénzelfde beweging, meerdere opvattingen leven impliceert het integraal doordrukken van het "eigen gelijk" automatisch het negeren van de opvattingen van anderen.

 

Dat laatste betekent fataal het einde van het pluralisme en van de democratie.

 

Beiden kunnen immers zonder een verscheidenheid van opvattingen niet bestaan.

 

Wanneer een beweging of partij in tijden van politieke instabiliteit of gebruik makend van een machtsvacuüm er toch in slaagt alle macht naar zich toe te trekken en haar eigen denkbeelden integraal op te leggen aan een bepaalde samenleving, dan zijn de resultaten rampzalig.

 

Zo hebben bijvoorbeeld veertig jaar (of zelfs langer) toepassing van de marxistische dogma's van Midden- en Oost-Europa één grote puinhoop gemaakt.

 

Ondanks het bestaan van soortgelijke schrikwekkende voorbeelden toch vervallen telkens weer een aantal mensen in dergelijk integrisme.

 

Ook de Vlaamse Beweging dreigt voortdurend te verzanden in een gelijkaardige steriele verstarring.

 

Wie zich niet neerlegt bij een bestaande situatie mag nooit de ogen sluiten voor de concrete actuele realiteit.

 

Integendeel !

 

Wie echt vernieuwingen wil doorvoeren, moet eerst zeer goed de bestaande toestand doorgronden.

 

Vertrekkend van (en dit betekent meestal "gehandicapt door") die werkelijkheid kan dan, vaak zeer moeizaam en geleidelijk, een verbetering worden doorgevoerd.

 

Dit leidt nooit tot een situatie die van in het begin volmaakt zou zijn.

 

Bovendien moet er vrijwel steeds een prijs voor worden betaald.

 

En daar rijst voor een aantal mensen juist het probleem.

 

Sommigen hebben immers hun ideaal jarenlang dermate gekoesterd en gesublimeerd dat zij die realiteit niet meer kunnen inzien, laat staan aanvaarden.

 

Daardoor wordt het natuurlijk onmogelijk om dit gedachtegoed ook in de concrete realiteit gestalte te geven.

 

Het blijft bij het steeds opnieuw herhalen, net als een liturgische litanie, van op zichzelf waardevolle denkbeelden in de hoop dat steeds meer mensen die zullen aanvaarden.

 

Jammer genoeg is precies het tegendeel het geval.

 

De opvattingen die aanvankelijk werden weggehoond worden immers na verloop van tijd, zij het nog zeer onvolmaakt, door anderen overgenomen en zelfs ten dele gerealiseerd.

 

Een en ander heeft uiteraard fataal als gevolg dat de aangeklaagde wantoestanden en het gehekelde onrecht steeds meer van hun scherpte verliezen en steeds minder als een probleem worden ervaren.

 

Wie voor deze evolutie geen oog heeft, bewijst zijn ideaal geen dienst.

 

Hij maakt het voorbijgestreefd en ongeloofwaardig.

 

Toen de restauratiewerken aan de Brusselse kathedraal startten, vervielen een aantal dogmatici in dit euvel.

 

Zij waren blind geworden voor de steeds evoluerende realiteit.

 

Dat de zure regen de steunberen en luchtbogen dermate had ingevreten dat die niet meer bij machte waren de stabiliteit van dit bouwwerk te verzekeren, drong niet tot hen door.

 

Zij waren zodanig begaan met een, overigens prijzenswaardige, eerbied voor de "oude steen" dat het hen ondenkbaar leek de verweerde en vergane materialen te verwijderen om ze te vervangen door nieuwe steen.

 

Dat dit de prijs was die nu eenmaal betaald moest worden om de kathedraal voor komende generaties te bewaren bleek voor hen onaanvaardbaar.

 

Meer nog !

 

Zij beschouwden dit als een schandelijk verraad en verkozen een "authentieke ruïne" boven een "gerestaureerd monument".

 

Die mensen waren zodanig gewoon geworden te klagen over het verval van ons erfgoed dat zij mentaal niet meer bij machte bleken van de sensibilisering over te stappen naar de concrete realisatie in de praktijk.

 

Bevreesd voor het nemen van hun verantwoordelijkheid, bevreesd voor het treffen van beslissingen, bevreesd voor het maken van fouten, bevreesd voor het betalen van een prijs, hielden zij zich liever op de vlakte.

 

Zo konden zij tot het einde van hun dagen blijven treuren over de steeds verder schrijdende teloorgang en verder blijven wachten op de - in hun ogen althans - ideale oplossing.

 

Dat, terwijl zij verder aan het wachten waren op de dag dat een of andere Messias hen de volmaakte oplossing zou aanreiken, steeds meer kostbare jaren in leegte voorbijgingen, drong niet tot hen door.

 

Het steriel koesteren van een ver en vooral onbereikbaar ideaal was in feite een doel "an sich" geworden.

 

Dat hun gestadig uitzien naar betere tijden en het steeds verder uitstel "sine die" in werkelijkheid de dag naderbij bracht waarop onherstelbare schade zou worden toegebracht aan de kathedraal beseften zij al evenmin ...

 

Dergelijke mensen vindt men ook in bewegingen vooral wanneer die jarenlang te midden van algemene onverschilligheid of regelrechte vijandigheid bepaalde ideeën hebben verkondigd.

Vaak ging dit gepaard met zeer veel belangeloze inzet, met talloze offers en zelfs met heel wat menselijk leed.

 

Wanneer de zo lang verketterde denkbeelden tenslotte, en dan nog onvolkomen, aanvaard beginnen te worden, rijst bij sommigen fataal de vraag : "Is het dat maar waarvoor wijzelf en onze voorbijgangers jarenlang zoveel hebben geofferd ?".

 

Omdat zij lange tijd hebben uitgekeken naar de verwezenlijking van hun ideaalbeeld, valt het hen zeer moeilijk de concrete en onvolkomen realiteit te aanvaarden.

 

Zij begrijpen niet dat - net als op zoveel domeinen van de samenleving - grootse en ingrijpende hervormingen slechts zeer geleidelijk en dan nog onvolkomen gerealiseerd kunnen worden.

 

Daartoe is het bovendien allernoodzakelijkst dat diegenen die een bepaald idee hebben gelanceerd ook daadwerkelijk betrokken blijven bij de concrete vormgeving ervan in de praktijk.

 

Alleen op die manier kan dergelijke onderneming in goede banen worden geleid.

 

Dat daarbij fouten en vergissingen kunnen worden gemaakt en hiervoor prijzen moeten worden betaald, is onverbrekelijk verbonden met elk menselijk handelen.

 

Wie uit vrees hiervoor de concrete verwezenlijking van een gedachte steeds langer uitstelt, bewijst een beweging geen dienst.

 

Wel integendeel !

 

De tijd staat immers niet stil en steeds meer jaren en generaties gaan intussen reddeloos en onvruchtbaar verloren.

 

Een dergelijke steriliteit is daarenboven steeds minder van aard om nog langer mensen, zeker jongeren niet, te begeesteren en te mobiliseren.

 

Niets is zinlozer dan het eindeloos, haast ritueel herhalen in een steeds kleiner wordende kring van gelijkgezinden van ideeën zonder de moed te hebben die ook - zij het onvolkomen - in werkelijkheid om0 te zetten wanneer zich daartoe de gelegenheid biedt.

 

Dit pas is in de echte zin van het woord verraad aan het gedachtengoed waarvoor zo velen zich zolang hebben ingezet.

 

Dergelijke weigering verantwoordelijkheid op te nemen is niet alleen nefast voor een beweging maar evenzeer voor de mensen die dergelijke negatieve houding aankleven.

 

Verbitterde vereenzaming wordt hun lot.

 

Anno 1983 begonnen een aantal technici en vaklui, vanuit een nog zeer onvolkomen basis en met heel wat onzekerheden, aan de restauratie van de Brusselse kathedraal.

 

Terwijl zij zwoegden - en met schrammen en builen - dag in dag uit aan de werf timmerden, hielden anderen zich afzijdig omdat de tijd nog niet rijp was en de prijs te hoog en omdat er nog meer studies moesten worden uitgevoerd.

Eind 1999 werd, na zestien jaar restauratie, de Brusselse kathedraal opnieuw opengesteld voor het publiek.

 

Dit bouwwerk bleek niet alleen gevrijwaard voor komende generaties maar bovendien in zijn oude luister hersteld te zijn. Ook was het - na archeologische opgravingen - uitgerust met een ondergrondse musea.

 

Niemand had dit bij de start der werken durven dromen !

 

De pragmatici hadden hun slag thuisgehaald.

 

De dogmatici bleven verbitterd achter ....

 

 

 

Gepubliceerd in: De Brusselse Post, 15 december 1990

 

 

 

Paul De Ridder Brussel&Firenze

Paul De Ridder Brussel&Firenze

Paul De Ridder Brussel&Firenze

Paul De Ridder Brussel&Firenze